Een lege batterij, een telefoon die thuis ligt of een autopech op een rustige weg: het zijn momenten waarop je blij bent met een extra telefoon. Een eenvoudig reservetoestel met een prepaid simkaart in je auto of tas kan zo’n noodoplossing zijn. Het hoeft niets te kosten dat je niet gebruikt, en het is er als je het nodig hebt.
Wat is een noodtelefoon eigenlijk?
Een noodtelefoon is een reservetoestel dat je meestal niet gebruikt. Het ligt in het dashboardkastje, in je sporttas of in de tas van je fiets. Je hoeft er geen nieuw model voor te kopen: een oude telefoon die nog werkt is vaak genoeg. Het gaat om bereikbaarheid en om hulp kunnen inschakelen, niet om apps of foto’s. Heb je nog een telefoon in een la liggen, dan krijgt die op deze manier een tweede leven.
Voor wie is dit handig?
Een noodtelefoon is vooral handig als je vaak onderweg bent: bij lange autoritten, in de natuur, op de fiets of als je als ouder wilt dat je kind altijd een telefoon bij zich heeft. Ook mensen die alleen reizen, kunnen zich er rustiger door voelen. Voor wie dagelijks in een stad woont en altijd bereik heeft, is het minder nodig, maar het blijft een goedkope extra zekerheid.
Waarom prepaid hiervoor handig is
Omdat je de telefoon zelden gebruikt, past een abonnement met vaste maandkosten er niet goed bij. Met prepaid betaal je alleen voor wat je opwaardeert. Je zet een klein tegoed op de kaart, bewaart het toestel en hebt het bij nood binnen handbereik. Let wel op de geldigheid: een kaart die te lang niet is gebruikt, kan door je aanbieder worden uitgeschakeld. Hoe lang dat duurt, verschilt per aanbieder, dus lees de voorwaarden.
Over 112 bellen
In een noodsituatie kun je altijd proberen 112 te bellen. Dat is het alarmnummer in Nederland. Je hoeft dat niet uit te proberen op je reservetelefoon: bel 112 alleen als er echt sprake is van nood. Een test kost de hulpdiensten onnodig tijd. Reken er bovendien niet blind op dat een toestel zonder werkende kaart of zonder bereik altijd verbinding kan maken; gebruik de noodtelefoon dus als aanvulling en houd rekening met plekken zonder bereik.
Zo houd je het toestel inzetbaar
Een noodtelefoon is alleen nuttig als hij het doet. Daarom helpen een paar vaste gewoontes:
- Batterij: kies een toestel met een batterij die nog redelijk houdt en laad hem een paar keer per jaar op. Een batterij loopt langzaam leeg, ook als je niets doet.
- Laden: leg een oplader of een kleine powerbank bij het toestel. In de auto kan een autolader handig zijn.
- Temperatuur: extreme hitte of kou is slecht voor een batterij. Bewaar het toestel niet maanden in een zonnig dashboardkastje.
- Pincode: zorg dat je de pincode van de simkaart kent en bewaar die apart.
- Geldigheid: zet een herinnering in je agenda om tegoed en geldigheid te controleren.
Waar bewaar je hem?
Kies een plek die je zelf onthoudt en die voor anderen niet meteen zichtbaar is. Een telefoon die zichtbaar op de achterbank ligt, trekt de aandacht van dieven. Bewaar hem liever in het dashboardkastje, in een vak van je tas of onder een stoel. Vertel ook aan je partner of gezinsleden waar het toestel ligt, voor het geval zij het nodig hebben. Een klein label met je naam en een tweede contactnummer kan helpen als iemand het toestel vindt.
Wat zet je erop?
Houd het simpel. Sla een paar belangrijke nummers op, zoals familie, je wegenwacht of pechhulp en een vertrouwde buur. Schrijf ze eventueel ook op papier, voor het geval de batterij leeg is. Zet apps en automatische updates uit, zodat de batterij niet onnodig leegloopt en er geen data wordt verbruikt. Meer data heb je niet nodig. Een kleine bundel met wat belminuten is meestal ruim voldoende, maar bekijk wat past bij jouw situatie.
Een kaart kiezen en bijhouden
Kies een kaart met een geldigheid die bij zelden gebruik past en let op het simformaat van het toestel. Bekijk de opties op onze vergelijkingspagina en lees de actuele voorwaarden. Zo weet je zeker dat je noodtelefoon klaarstaat op het moment dat je hem nodig hebt, zonder dat hij je geld kost op de momenten dat je hem niet nodig hebt.